De Tafeltekst

 Reacties uitgeschakeld voor De Tafeltekst
dec 092014
 

Waarom hebben we iedere week een tafeltekst?

Onze maaltijden mogen ontmoetingen met God en met elkaar zijn (worden). Dat is de diepe inhoud van de woorden van Jezus: Johannes 21:12Jezus zeide tot hen: Komt en houdt de maaltijd.

Dit was niet het ‘Heilig Avondmaal’, maar een gewone maaltijd, die ongewoon werd door de aanwezigheid van Jezus en daardoor tot een gewone, heilige maaltijd werd. Er was geen bijzonder brood en geen bijzondere wijn maar al het gewone wordt geheiligd door het Woord van God en door het gebed: 1 Timotheus 4:4,5. Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt, want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.

Echt maaltijd houden, zoals God het voor ons bedoelt, is een heilig gebeuren, een samen komen voor Zijn aangezicht. Het wordt een heilig gebeuren door de maaltijd te ‘omkleden’ met het Woord van God en met het gebed. Het gebed moet dan ook echt een gebed, een spreken met God zijn en de tafeltekst moet dan ook echt Woord van God zijn. Zowel het gebed als de tekst zullen echt zijn, als we verwonderd zijn en ons gelukkig prijzen dat we elkaar in Jezus mogen ontmoeten tijdens het houden van de maaltijd (Joh 21:12).

Tafeltekst week 2018 – 17

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 17
apr 202018
 

…, opdat uw geloof niet zou rusten op wijsheid van mensen, maar op kracht van God.

1 Kor.2:5

Eigenlijk is deze tekst niet te begrijpen zonder het voorgaande. Het begint dan ook met ‘opdat’. Wat een geheimenis ligt er in de voorgaande teksten. Paulus, een ‘Schriftgeleerde’, heeft ontdekt, dat al zijn studie hem niet dichter bij God heeft gebracht; maar dat je ook de ander door ‘studie’ geen stap dichter bij God kunt brengen.

Paulus, de Schriftgeleerde, heeft God pas leren kennen, toen God hem tegenkwam. Die ontmoeting was beslist niet ‘christelijk’. God sloeg hem met blindheid, niet om Paulus te straffen, maar om Paulus radicaal te stoppen in al zijn religieuze ijver.

Wat is het belangrijk om dit tot ons te laten doordringen. En wat is het nodig voor ons om te beseffen dat we beslist niet beter zijn dan Paulus. Ook wij staan onze naasten in de weg om God werkelijk te leren kennen, als we denken dat een vertrouwen op inzichten en verworven kennis óver God de ander tot geloof kan brengen…

Paulus was een gezien man in Jeruzalem, want hij had gestudeerd bij een groot geleerde: Handelingen 22:3 Ik ben een Jood, te Tarsus in Cilicië geboren, doch in deze stad opgevoed, aan de voeten van Gamaliël opgeleid met nauwgezette inachtneming van de wet onzer vaderen, een ijveraar voor God.

Maar Paulus was door de openbaring van God in zijn leven tot een ander mens geworden. Dat was zo ingrijpend geweest dat hij zijn naam ‘Saulus’ veranderde in ‘Paulus’. In volle overtuiging verwierp hij al zijn verworven kennis over God: Filip. 3:7  Maar alles wat mij winst was, heb ik om Christus’ wil schade geacht.

En in zijn opdracht om mensen bij God te brengen, wist hij dat hij alleen maar schade zou toebrengen aan mensen als hij met schittering van woorden of wijsheid het getuigenis van God zou komen brengen (1 Kor.2:1).

Hier is het woord ‘wijsheid’ onderstreept, omdat Paulus hier hetzelfde woord gebruikt als in onze tafeltekst. Dit woord ‘wijsheid’ heeft met ‘scholing’ te maken. Het is een wijsheid die je verwerven kan. Paulus noemt dit hier ‘wijsheid van mensen’. Deze ‘wijsheid van mensen’ is een vijand van God. Met deze wijsheid kun je het in deze tijdgebonden wereld ver schoppen, maar het brengt je geen stap dichter bij God!

Paulus wilde geen mis-leider zijn, maar een dienstknecht van God. In zijn brief aan de Filippenzen zegt hij onomwonden: Filip. 3:8,9  Voorzeker, ik acht zelfs alles schade, omdat de kennis van Christus Jezus, mijn Here, dat alles te boven gaat. Om zijnentwil heb ik dit alles prijs gegeven en houd het voor vuilnis, opdat ik Christus moge winnen, en in Hem moge blijken niet een eigen gerechtigheid, uit de wet, te bezitten, maar de gerechtigheid door het geloof in Christus, welke uit God is op de grond van het geloof.

Als we ons afvragen waarom ons leven nog onvruchtbaar is voor God, dan kan onze tafeltekst ons zeker helpen, als we ons ernstig durven af te vragen waar ons geloof nu eigenlijk op gebaseerd is.

Is ons geloof gebaseerd op een eigen gerechtigheid, uit de wet, zoals Paulus het noemde? Dit is de brandende vraag die in deze tafeltekst op ons af komt: Waar ‘rust’ ons geloof op? Dit woord ‘rusten’ kunnen we ook vertalen met ‘bestaan uit’. Waar bestaat ons geloof uit? Is dat gebaseerd op ‘scholing’ door de ‘wijsheid der mensen’? Dan wordt het tijd dat we daar net zo radicaal mee breken als Paulus. Want het is juist dit aangeleerde geloof wat de openbaring van God in de weg staat.

Paulus, onderweg naar Damascus, was echt niet zo zelfverzekerd als hij er uitzag (Handelingen 22), want hij was getuige geweest bij de steniging van Stefanus…  Dit sterven van Stefanus was tot een ‘spreken van God’ geworden voor Saulus. Waardoor hij een ontmoeting met God kon hebben, wat hem tot een nieuwe schepping maakte.

De ‘stoere’, zelfverzekerde Saulus werd tot een diep afhankelijke Paulus, die er naar verlangde om in zwakheid te leren roemen, opdat de kracht van Christus zich in hem aan de ander kon openbaren. Dit heeft het leven van Paulus vruchtbaar gemaakt voor het Koninkrijk van God.

Wat een tafeltekst voor deze week. Weg dus met alle ‘wijsheid van mensen’. Laten we deze week, en ons hele verdere leven, bidden om de ‘kracht’ van God, die zich openbaart in een leven dat graag wil roemen in zwakheid, om alleen nog maar van Hem te zijn!

Tafeltekst week 2018 – 16

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 16
apr 132018
 

Wat gij ook doet, verricht uw werk van harte, als voor de Here en niet voor mensen.

Kolossenzen 3:23

In vers 17 van dit hoofdstuk staat: En al wat gij doet, met woord of werk … Deze tekst begint met: Al wat gij doet. Het woord ‘al’ betekent gewoon ‘alles’, dus niets uitgezonderd. Het werkwoord ‘doen’ slaat vooral op alles wat je tot stand brengt: maken, toebereiden. De woorden: ‘verricht uw werk’  in onze tafeltekst, is eigenlijk één woord en kan vertaald worden met: werken of bezig zijn.

Het slaat eigenlijk op alle gewone, dagelijkse dingen. ‘Verricht uw werk’ doet je al heel gauw denken aan wat meer opvallende zaken. Zo is het beslist niet bedoeld! Het gaat dus om ons gewone dagelijkse werk.

Paulus roept ons op om alle dagelijkse bezigheden ‘van harte’ te doen. Dit van harte zouden we ook kunnen vertalen als: met heel je ziel. Het woord ‘ziel’ kan vertaald worden met ‘levensadem’. Met ‘ziel’ wordt in het Nieuwe Testament altijd bedoeld: de innerlijke mens die voor het eeuwige leven bestemd is. Dit ‘van harte’ is de kern van onze tafeltekst.

Paulus vertelt ons dat alles wat we doen, iedere dag, elk ogenblik van de dag, bepaald moet worden, inhoud moet krijgen, vanuit het besef dat we hemelburgers zijn; mensen die huisgenoten Gods zijn, medearbeiders van Christus, mee bouwend aan Zijn komende Rijk . . . Efez. 2:19  Zo zijt gij dan geen vreemdelingen en bijwoners meer, maar medeburgers der heiligen en huisgenoten Gods.

Onze tafeltekst is een duidelijke oproep om te breken met het dubbele leven. Paulus zegt ergens anders: Indien ik nog mensen trachtte te behagen, zou ik geen dienstknecht van Christus zijn (Galaten 1:10).

Dat is duidelijke taal! Net als onze tafeltekst. Al ons ‘bezig zijn’ moet voor Hem zijn. Als dat niet het geval is, komt dit omdat we nog zo vast zitten aan het tijd-gebonden leven. We laten ons nog zo beïnvloeden door de wereldgeesten, waar Paulus zo vaak over spreekt (Gal.4:3,9 en Col.2:8,20).

Paulus roept ons deze week op om ons zo op de komst van Zijn Rijk te richten, dat de wereldgeesten geen inspraak meer kunnen hebben. Dat is alleen mogelijk als we ons van ogenblik tot ogenblik laten inspireren door de Heilige Geest, die ons immers wil leiden in alle waarheid! Johannes 16:13  doch wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid; want Hij zal niet uit Zichzelf spreken, maar al wat Hij hoort, zal Hij spreken en de toekomst zal Hij u verkondigen.

Dan kunnen we ook denken aan een ander woord van Paulus: Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede (Romeinen 12:21). En wat het ‘goede’ is, staat zo duidelijk omschreven in de tafeltekst van deze week.

Iedere dag mogen we driemaal aan tafel deze woorden tot ons laten doordringen. En dan ook vertrouwen dat, als we niet uit gewoonte, maar biddend deze woorden uitspreken als ‘Brood voor ons Hart’, God Zijn Woord zal bevestigen in onze harten. Dan zullen we, meer dan ooit, betrouwbare medearbeiders van Christus worden, tot zegen en verlossing van heel veel mensen om ons heen . . .

Tafeltekst week 2018-15

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018-15
apr 062018
 

Vertoef in dit land als een vreemdeling, dan zal Ik met u zijn en u zegenen.

Genesis 26:3

In de tekst, voorafgaande aan onze tafeltekst staat: ‘…, woon in het land, …’. Dit ‘wonen’ geeft een rust aan, tegenovergesteld aan rondtrekken, dwalen, dolen … Het heeft de betekenis van: rustig blijven wonen, nestelen. Het is goed om dat te weten, want onze tafeltekst drukt in het ‘vertoeven’ uit, op welke manier, met wat voor gezindheid dit ‘wonen’ moet plaatsvinden.

Dit ‘vertoeven’ staat niet los van ‘als een vreemdeling’. Het werkwoord dat hier gebruikt wordt betekent: als vreemdeling vertoeven. Het staat in een vorm uitgedrukt die kleur en beweging weergeeft. God zegt in deze tekst tegen ons dat we ons echt moeten nestelen, woning maken, vertrouwd moeten zijn in het gebied waar we leven, maar wel in het besef, dat het maar voor tijdelijk is.

We moeten ons dus bewust zijn, dat we hemelburgers zijn, die slechts voor een bepaalde tijd hier op aarde zijn om gevormd te worden in Zijn handen voor een eeuwige bestemming. Een heel belangrijke periode dus, omdat onze plaats in de eeuwigheid zal bepaald worden door hoe we hier op aarde ons door God hebben laten vormen.

De juiste gezindheid waarmee we hier op aarde ‘vertoeven als vreemdeling’ is voorwaarde voor het tweede gedeelte van onze tafeltekst: ‘dan zal Ik met u zijn en u zegenen.’ Dit: ‘met u zijn’ zouden we heel goed kunnen vertalen met: vergezellen, mee gaan, begeleiden.

Pas als we de tijd hier op aarde serieus nemen, gericht op onze eeuwige bestemming, kan God ons in dit tijd-gebonden bestaan ‘zegenen’. En dit gezegend worden bestaat dan hier uit, dat we door Hem vergezeld worden, begeleid.

Wat is het toch meer dan de moeite waard, om Hem te willen kennen in al onze wegen! Zoals Koning Salomo al geschreven heeft in zijn spreuken: Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken (Spreuken 3:6).

 

 

 

Tafeltekst week 2018 – 14

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 14
mrt 302018
 

Laten wij dan door Hem Gode voort­durend een lofoffer brengen, namelijk de vrucht van onze lippen, die zijn Naam belijden.   

                                                                                                                                           Hebr.13:15

De tafeltekst van deze week heeft heel veel te maken met alles wat er voor staat: De Hebreeënbrief-schrijver heeft verteld over hoe de Joden het zondoffer slachtten en het lichaam van het offerdier buiten de legerplaats verbrandden. Dit ‘buiten de legerplaats’ doet denken aan het: Weg met Hem! Weg met Hem! Kruisig Hem! (Johannes 19:15).

Het ‘zondoffer’ is een heen wijzing naar onze Verlosser. Daarom staat er ook in vers 12: Daarom heeft ook Jezus, ten einde zijn volk door zijn eigen bloed te heiligen, buiten de poort geleden.

En het volgende vers (13) heeft net zo’n krachtige oproep voor ons als onze tafeltekst: Laten wij derhalve tot Hem uitgaan buiten de legerplaats en zijn smaad dragen. Het woord ‘derhalve’ kunnen we ook vertalen met ‘dus’… Wie werkelijk Jezus liefheeft, krijgt het verlangen, om in navolging van Hem, buiten de legerplaats zijn smaad te dragen. Dit ‘buiten de legerplaats’ vertelt zo veel over de ‘afzondering’, beter nog: de heiliging, die een gevolg is van het Hem liefhebben!

Paulus zegt: Maar gij geheel anders: gij hebt Christus leren kennen. (Efeze 4:20). Het nieuwgeboren leven, wat gestalte krijgt doordat we Hem leren kennen, maakt ons tot vreemdelingen en bijwoners op aarde (Heb.11:13). Waar we Hem toebehoren, komt er een onweerstaanbare scheiding tussen ons en de wereld die door de wereldgeesten bepaald wordt en niet door de Heilige Geest.

Het: geheel anders zijn wordt veroorzaakt door wat Paulus in de Romeinenbrief zegt: En wordt niet gelijkvormig aan deze wereld, maar wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene. (Romeinen12:2).

Het verlangen om te erkennen wat de wil van God is, kunnen we beter vertalen met: na onderzoek als echt erkennen. Het is dus een verlangen naar het echte, naar de waarheid. Dit ‘echte’, de ‘waarheid’ is niet te vinden in deze ondergaande wereld, maar slechts ‘buiten de legerplaats’. Wie de waarheid wil leren kennen moet toegeven aan het verlangen om tot Hem uit te gaan buiten de legerplaats en zijn smaad te dragen.

De ‘waarheid’ is alleen te verstaan als we aan deze krachtige oproep gevolg geven! Wie dat niet doet, blijft onder de macht van de wereldgeesten, die alleen het tijdgebonden leven beheersen … Alleen vanuit het verstaan van deze achtergrond krijgt onze tafeltekst echt inhoud.

Het nieuwe leven, dat door Hem – door Zijn volbrachte werk – in ons gestalte krijgt, kan pas tot werkelijke ontplooiing komen als de levensadem van ons bestaan bepaald wordt door het Gode voort­durend een lofoffer brengen. ‘Voortdurend’ betekent: zonder ophouden. En onder: een lofoffer brengen, mogen we verstaan, dat we bereid zijn om ‘zonder ophouden de opdracht te aanvaarden om ons leven op Zijn altaar te brengen’. Jezus heeft deze gezindheid uitgedrukt met de woorden: doch niet mijn wil, maar de uwe geschiede! (Lukas 22:42).

Deze gezindheid van Jezus die, door de inwoning van Zijn Geest in ons leven gestalte moet krijgen, wekt het verlangen naar die overgave. En het is alleen daardoor dat de taal die wij spreken niets anders meer kan zijn dan de vrucht van onze lippen, die zijn Naam belijden. Het woord ‘vrucht’ is goed vertaald, maar het kan ook betekenen: lof, die aan God als dankoffer gegeven wordt.

Het woord ‘lippen’ is beter te vertalen met: de sprekende mond. Als onze mond spreekt van alles waar ons hart vol van is, zal alles wat wij zeggen, getuigen van Gods eer: Spreekt iemand, laten het woorden zijn als van God; (1 Petr.4:11).

Wat zou het een zegen zijn voor de wereld als in al ons spreken, Zijn Naam: Zijn Roem en Eer, zou worden groot gemaakt, gewoon omdat we verrukt zijn van Hem, die ons leven in alles bepaalt. Dan zou het wel kunnen gebeuren dat door ons leven, ons spreken, er weer een reikhalzend uitzien naar de openbaring van de zonen Gods in onze omgeving gestalte gaat krijgen.

 

Tafeltekst week 2018 – 13

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 13
mrt 232018
 

Jezus Christus, onze Here, gesproten uit het geslacht van David naar het vlees, naar de geest der heiligheid door zijn opstanding uit de doden verklaard Gods Zoon te zijn in kracht.      

Romeinen 1: 3,4

De woorden van de apostel Paulus boven aan deze bladzij, zullen onze gedachten mogen bepalen bij het komende Paasfeest. Wat een aanbidding spreekt er uit deze tekst! Jezus van Nazareth, zo getuigt Paulus, is de Christus, de Gezalfde des HEREN. Hij is de Beloofde, de Verlosser van de mens uit de zondeslavernij.

Zoveel profeten hebben over Hem gesproken in de Oude Bedeling. Voor de gelovige Joden is het door alle eeuwen heen duidelijk geworden dat de Christus, de Gezalfde, voort zou komen uit het geslacht van David. En Paulus heeft in Jezus van Nazareth de beloofde Messias herkend, toen deze Zich aan hem openbaarde, onderweg naar Damascus: En terwijl hij daarheen op weg was, geschiedde het, toen hij Damascus naderde, dat hem plotseling licht uit de hemel omstraalde; en ter aarde gevallen, hoorde hij een stem tot zich zeggen: Saul, Saul, waarom vervolgt gij Mij? En hij zeide: Wie zijt Gij, Here? En Hij zeide: Ik ben Jezus, die gij vervolgt (Hand.9:3-5).

Jezus openbaarde Zich niet aan hem, omdat Paulus Hem zocht; integendeel, hij vervolgde allen die in Jezus geloofden. Paulus is, na deze schokkende openbaring, niet te rade gegaan bij degenen die hij eerst vervolgde, nee, hij zocht de stilte in de woestijn van Arabië om daar door God zelf onderwezen te worden.

Pas jaren later zocht hij de apostelen in Jeruzalem op: Daarna ging ik na verloop van veertien jaar weder naar Jeruzalem…en ik ging op grond van een openbaring. En ik legde hun het evangelie voor, dat ik onder de heidenen verkondig, afzonderlijk echter aan hen, die in aanzien waren, opdat ik niet vruchteloos liep of gelopen had (Galaten 2:1,2).

Wat kunnen overleveringen en leringen van mensen gevaarlijk zijn, tenzij zij heel nauwkeurig in overeenstemming zijn met het Woord van God: Marcus 7:9 Het gebod Gods stelt gij wel fraai buiten werking om úw overlevering in stand te houden, zei Jezus. En Paulus kende dit gevaar ook: Kol. 2:22,23 …, dat alles zijn dingen, die door het gebruik teloorgaan, zoals het gaat met voorschriften en leringen van mensen. Dit toch is, ook al staat het in een roep van wijsheid met zijn eigendunkelijke godsdienst, zijn nederigheid en zijn kastijding van het lichaam, zonder enige waarde [en dient slechts] tot bevrediging van het vlees…

Misschien vieren we dit jaar voor het eerst het Paasfeest zoals de Bijbel het ons vertelt, misschien is het voor ons al heel lang een traditie geworden… Voor Paulus is het nooit slechts een traditie geworden, maar een gehoorzaamheid aan Jezus, Die tijdens het ‘nachtmaal’ op Witte Donderdag gezegd heeft: ‘Doe dit tot mijn gedachtenis.’

Wie, als Paulus, in gehoorzaamheid aan Jezus, vóór het Paasfeest het avondmaal viert, zal niet uit traditie het Paasfeest vieren, maar het feest van de daadwerkelijke opstanding van Jezus uit de doden. Want voor de volgelingen van Jezus wordt dit feest niet alleen gevierd tijdens de Paasdagen, maar iedere eerste dag van de week.

Ja, iedere dag van iedere week, elk uur van iedere dag, omdat Jezus’ opstanding uit de doden niet slechts een overlevering van mensen is. Want iedere dag van ons leven mogen we de woorden van Jezus ervaren: Matth.28:20 En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld. Want waar we de nabijheid van Hem ervaren in ons dagelijks leven, juist ook in de moeilijkste omstandigheden, daar weten we dat Jezus van Nazareth telkens krachtig bewijst Gods Zoon te zijn. Hij zal elk woord dat Hij gesproken heeft dan ook waar maken voor hen, die Hem zo hebben leren kennen.

Zo wordt ieder Paasfeest dan ook altijd weer opnieuw een aansporing om het avontuur van het leven met Hem aan te gaan totdat Hij terugkomt op aarde.

 

 

               

 

Tafeltekst week 2018 – 12

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 12
mrt 162018
 

Ja, van oudsher heeft men het niet gehoord noch vernomen, geen oog heeft gezien een God buiten U, die optreedt ten behoeve van wie op Hem wacht.

    Jes.64:4

De Bijbeltekst voor deze week begint met: van oudsher. Dat is een prachtige uitdrukking. Maar dit Hebreeuwse woord drukt niet alleen het verleden uit, maar ook de toekomst. Het woord is afgeleid van een werkwoord, dat de betekenis heeft van: verbergen, geheim zijn, altijd durend, niet eindigend. Van oudsher houdt dus iets oneindigs in naar verleden, heden en toekomst: niet te bevatten, niet te doorgronden, niet te overzien.

Wat houdt dit ‘niet te doorgronden’ in onze tafeltekst in?

Het is iets wat ‘te horen’, ‘te vernemen’ of ‘te zien’ valt. Dit ‘horen’ en ‘vernemen’ horen bij elkaar. Het zijn twee verschillende werkwoorden, die allebei met ‘horen’ te maken hebben. Het eerste echter legt meer de nadruk op het ‘horen’, ‘geluid waarnemen’ en het tweede meer op het ‘gericht luisteren naar’. Je zou kunnen zeggen dat het eerste op je afkomt: je hoort wat, en het tweede geeft weer, dat je gehoor geeft aan. Het eerste werkwoord zou meer de betekenis kunnen hebben van: het ene oor in, het andere uit, maar het tweede drukt het verlangen uit om er gevolg aan te geven. Dit laatste is zo anders, omdat het weer met relatie, met liefde te maken heeft.

Laten we het vergelijken met de situatie dat je ergens bent en je je naam hoort roepen. Je kijkt verbaasd rond om te weten te komen wie jou hier kent. Maar het tweede is anders: je herkent aan de stem degene die je naam roept en dat doet je verlangen naar alles wat nu verder gaat gebeuren in het contact met elkaar.

Direct daar achter staat wat geen oog heeft gezien. Dit ‘gezien’ is meer dan ‘waarnemen’. Het heeft vooral ook te maken met ‘bezien om het te begrijpen’.

Waar gaat het in onze tafeltekst nu om? Dat er in de oneindige tijd door de mens, behalve onze God, niemand ‘te zien’ is die ‘optreedt’.

Bij het woord ‘optreden’ moeten we echt wel even stil staan! Want dit woord ‘optreden’ is een werkwoord dat meer dan 2.200 keer in het Oude Testament voorkomt en al in de eerste verzen van de Bijbel wordt gebruikt. In het ‘scheppingsverhaal’ (Gen 1:1 tot 2:4) staat dat God tweemaal ‘scheppend’ iets tot stand bracht: 1) de hemel en de aarde en 2) de mens.

Voor het overige staat er geen ‘scheppen’, maar een werkwoord dat de betekenis heeft van: doen, vormen, tot stand brengen, maken. Dit werkwoord komt ook hier in onze tekst voor en wordt dan vertaald met ‘optreden’. Wat is het goed om te beseffen dat dit ‘optreden’ niets te maken heeft met een schouwspel, maar met een betrokken zorg.

En deze zorg van God is voor, ‘ten behoeve van’, ten dienste van: de mens die op Hem ‘wacht’. Maar dit ‘wachten’ is niet een passief wachten, niet een af-wachten! Nee, het is een ‘wachten op’, een ‘verwachten’. In het verband van onze tafeltekst is het nog meer. Het is een ‘verlangen naar’, een ‘uitzien naar’.

Wat hebben we weer een rijke tafeltekst. Natuurlijk lezen we deze tafeltekst, zoals die in de Bijbel vertaald staat. Maar toch weer even een eigen, heel vrije, vertaling, om het geluk dat vanuit deze woorden ons toe straalt, een week lang te bejubelen: Nooit zal er door een mens een god te verzinnen zijn, die meer zou kunnen zijn dan God, Die ieder, die naar Hem uitziet en zich aan Hem toevertrouwt, verzorgt, bewaart voor tijd en eeuwigheid.

 

tafeltekst week 2018 – 11

 Reacties uitgeschakeld voor tafeltekst week 2018 – 11
mrt 092018
 

Laat ons oog daarbij [alleen] gericht zijn op Jezus, de leidsman en voleinder des geloofs, die, om de vreugde welke voor Hem lag, het kruis op Zich genomen heeft, de schande niet achtende, en gezeten is ter rechterzijde van de troon Gods.

Hebreeën 12:2

Laat ons oog daarbij alleen gericht zijn op Jezus . . .  Het woordje ‘daarbij’ maakt het nodig om ook het eerste vers te lezen: Hebreeën 12:1 Daarom dan, laten ook wij, nu wij zulk een grote wolk van getuigen rondom ons hebben, afleggen alle last en de zonde, die ons zo licht in de weg staat, en met volharding de wedloop lopen, die voor ons ligt.

Hebben wij echt zo’n grote wolk van getuigen rondom ons? Ja, getuigen uit een ver verleden. Maar er is veel voor nodig willen deze overoude getuigen ons nog aanspreken. Paulus was er echt heel blij mee, maar laten wij, om meer geïnspireerd te worden, even deze oude, echt wel waardevolle getuigen, naar de achtergrond schuiven en kijken of er geen meer actuele getuigen zijn.

Echt waardevolle getuigen zijn alleen ooggetuigen. Daarom komen wij met de gemeente ook ‘s zondags samen om te luisteren naar wat wij zelf ervaren hebben van de bemoeienis van de Here in ons persoonlijke leven. Dat is de waarde van ons ‘elfuurtje’! Want als we horen en zien wat God in de levens van anderen bewerkt, staat de deur open voor echte aanbidding.

Dat is de basis voor echt leven en voor gezond denken: ‘Eerst aanbidden, dan pas ademen en dan pas denken’, is een bekende spreuk. Dan krijg je zin om mee te gaan, je er in te storten en te zorgen dat je niet achterblijft! Maar dat kan spanning en verbetenheid wekken.

Wat wordt de tafeltekst van de komende week dan kostbaar! Want wij hebben een grote wolk van getuigen om ons heen, we zien dat God onder ons werkt in de harten van veel mensen. Maar de enige manier om werkelijk deel te krijgen aan dit getuigenis is om dan ook alleen maar op Jezus gericht te zijn. Hij is gehoorzaam gebleken tot de dood aan het kruis. Ja, Hij heeft zelfs vreugdevol het kruis op Zich genomen, de schande en de smaad niet achtende. En heeft daarom van God de Naam boven alle Naam ontvangen en is nu gezeten ter rechterzijde van de troon Gods.

Als de actuele getuigen van Gods werk onder ons, ons niet richten op Jezus, dan vervallen we tot armzalige meepraters en meelopers. Laat de tafeltekst voor deze week daarom voor ons allemaal een oproep zijn om, meer dan ooit, alleen gericht te zijn op Jezus, onze levende Heer, die dan ook voor ons de Leidsman en Voleinder van ons geloof zal blijken te zijn.

tafeltekst week 2018 – 10

 Reacties uitgeschakeld voor tafeltekst week 2018 – 10
mrt 022018
 

Maar wij hebben deze schat in aarden vaten, zodat de kracht, die alles te boven gaat, van God is en niet van ons

                                                                                        2 Korintiërs 4:7

Omdat onze nieuwe tafeltekst begint met ‘maar’ moeten we ook nu weer lezen wat aan deze tekst vooraf gaat. (2 Kor.4:6) Want de God, die gesproken heeft: Licht schijne uit het duister, heeft het doen schijnen in onze harten, om ons te verlichten met de kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Christus.

‘Want de God, die gesproken heeft: Licht schijne uit het duister,’ verwijst heel krachtig naar de eerste verzen van de Bijbel: Genesis 1:3 En God zeide: Er zij licht; en er was licht. De apostel Paulus drukt hiermee uit dat, net als tijdens de scheppingsdagen, vanuit de duisternis die er op de aardbol was, door het zweven van Gods Geest over deze duisternis, licht doorbrak, zo ook vanuit het duister van ons bestaan Gods licht is doorgebroken in onze harten.

Dit licht heeft niet slechts tot doel om de duisternis te verbreken, maar, zoals de tekst in vers 6 ook weergeeft, iets aan het licht te brengen, te openbaren, nl. de kennis van de heerlijkheid Gods. Het woord ‘kennis’ betekent niet zo zeer ‘er iets over weten’, maar eigenlijk meer ‘inzicht, verstaan, deel hebben aan.’

Het woord ‘heerlijkheid’ is ook de moeite waard om aandacht aan te besteden. Dit woord betekent zoiets als: iets verstaan, wat onlosmakelijk tot gevolg heeft dat men tot aanbidding en lofprijzing komt. Het is dus het tegenovergestelde van, zoals de Bijbel het zegt (1Kor. 8:1)  De kennis maakt opgeblazen. Het grote verschil is nl. de gezindheid bij de ‘kennis’: als de kennis ons tot zelfverrukking brengt of: tot aanbidding brengt vanwege de openbaring van God . . .

Alle kennis die wij vergaren, buiten Christus om, maakt opgeblazen en vervreemdt ons van God. Hiervan zegt de Schrift: 1 Kor.1:19  Verderven zal Ik de wijsheid der wijzen, en het verstand der verstandigen zal Ik verdoen. Maar van de kennis die tot aanbidding brengt zegt de Schrift: Hosea 4:6 Mijn volk gaat te gronde door het gebrek aan kennis. Omdat gij de kennis verworpen hebt, verwerp Ik u, dat gij geen priester meer voor Mij zult zijn; daar gij de wet van uw God vergeten hebt, zal ook Ik uw zonen vergeten.

De kennis waarvan vers 6 spreekt, kan niet opgeblazen maken, omdat – en nu komen we dan aan onze tafeltekst – deze kennis ons het besef geeft dat het een schat is die geborgen is in aarden vaten. Deze kennis heeft God namelijk toevertrouwd aan mensen, hier ‘vaten’ genoemd, die maar heel broze instrumenten, werktuigen zijn. Deze kennis, die ons God doet aanbidden, is een mogelijkheid voor God om Zich te openbaren aan de wereld om ons heen!

Wonderlijk dat in onze tafeltekst aan de ene kant de broosheid van het instrument, de mens, wordt weergegeven, maar aan de andere kant de ‘kracht’ die van het broze werktuig uitgaat naar de wereld om ons heen! Want ‘de kracht, die alles te boven gaat’ zouden we ook eenvoudig kunnen vertalen met: voortreffelijke bekwaamheid. Deze voortreffelijke bekwaamheid krijgt alleen gestalte in de aanbidding. Want alleen als we Hem aanbidden functioneert deze voortreffelijke bekwaamheid naar de wereld om ons heen.

Als we de tafeltekst van de komende week met elkaar opzeggen, kan het verlangen groeien, dat we meer dan ooit vanuit de aanbidding zullen leven. Dan zullen wij voor de wereld om ons heen tot openbaring komen als echte, eenvoudige, broze, maar toch ook weer loeisterke, zonen en dochters van God!

 

 

Tafeltekst week 2018 – 09

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 09
feb 232018
 

Vreest niet, want God is gekomen om u op de proef te stellen, en opdat er vrees voor Hem over u kome, dat gij niet zondigt.

                                                                                              Exodus 20:20

Bijna zeventig keer staat in de Bijbel (het Oude Testament) dat God de mens tegemoet komt met: ’Vrees niet’. Het Hebreeuwse werkwoord heeft vaak een tegengestelde betekenis. Het meest heeft het de betekenis van ‘vrezen, bang zijn voor’, maar vaak heeft het een andere betekenis, zoals ‘eren’ (Richt. 6:10) of ‘met ontzag vervuld zijn’ (1 Kon. 3:28).

Twee keer komt dit werkwoord in onze tafeltekst van de komende week voor. ‘Vreest niet’ en dan betekent het inderdaad: weest niet bang. Maar in het tweede gedeelte heeft het de betekenis van ‘met ontzag vervuld zijn, vereren’.

Als we bang zijn voor God, proberen we om Hem te ontlopen, maar als we met ontzag vervuld zijn, willen we Hem kennen in al onze wegen, opdat Hij onze paden recht zal maken (Spr. 3:6) Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken.

Als we vervuld worden met een diep ontzag voor God, leren we Hem kennen, zoals Hij werkelijk is. Dan worden we verlost van al onze eigen ‘godsbeelden’. Vol verwondering en geluk buigen we ons voor Hem: vertrouwen we ons aan Hem toe. Dan gaan we Hem liefhebben, boven alles. En in het schuilen bij Hem, heeft de boze geen vat op ons: 1 Joh. 5:18 Wij weten, dat een ieder, die uit God geboren is, niet zondigt; want Hij, die uit God geboren werd, bewaart hem, en de boze heeft geen vat op hem.

Maar geen mens kán bij God schuilen zonder gereinigd te zijn van de zondelast, d.w.z. van de vijandschap tegen God! En het is niet genoeg om te geloven dat Jezus is gestorven, opdat deze vijandschap doorbroken zou worden, want dat doen de boze geesten ook: Jak. 2:19  Gij gelooft, dat God één is? Daaraan doet gij wél, [maar] dat geloven de boze geesten ook en zij sidderen.

Nee, het is onmogelijk om bij God te schuilen tenzij wij een ‘nieuwe schepping’ zijn: een wedergeboren mens. Daar valt de diepe scheiding tussen mensen die het ‘wel geloven’ en de mensen die werkelijk ‘leven’.

Als in onze tafeltekst staat dat God ‘gekomen is’, dan betekent dit, dat God ons ‘opgezocht’ heeft, dat God is ‘neergedaald’ tot ons, verloren mensen, om ons uit te redden. Dat wijst naar de komst van Jezus Christus. Uit die hoop hebben Adam en Eva al geleefd en met hen al de mensen van de ‘heilige lijn’ die in het Oude Testament van de Bijbel beschreven staat.

Daar mogen ook wij uit leven, door het geloof dat de Christus gekomen is. En dus niet alleen door te geloven, maar door te leven uit de werkelijkheid van de verlossing. Dan kunnen we, ieder moment van de dag, onze toevlucht zoeken bij Hem, die ons tegemoet is gekomen, Jezus Christus, die ons bij de Vader brengt: Joh. 14:6 Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij.  

Als door de dagelijkse wandel met Jezus de eerste vrees (bang zijn voor God) verdwenen is, schuilen we als onbevangen kinderen bij Vader, die ons onderwijst en ons de weg wijst, waar we dan niet meer van kunnen afdwalen. Want door beproevingen heen, leert Hij ons, bij Hem te blijven schuilen, zodat de boze geen vat meer op ons heeft.

Dan blijkt het heel duidelijk dat alleen Hijzelf de garantie voor ons leven is, dat wij ‘niet zondigen’: niet meer van het doel en de zin van het Leven af te leiden zijn. Dat betekent dat Hij Zelf het is die ons, door beproevingen heen, leert om voor tijd en eeuwigheid aan Hem ‘verkleefd’ te zijn en te blijven: Psalm 63:9 Mijn ziel is aan U verkleefd, uw rechterhand houdt mij vast.

Voor de duidelijkheid nu nog een vrije vertaling van onze tafeltekst: ‘Wees niet bang, want God is tot ons neergedaald om ons betrouwbaar te maken (in de wandel met Hem) zodat er een kinderlijk ontzag voor Hem over ons komt, zodat wij, aan Hem verkleefd, nooit meer van het Levenspad zullen afdwalen’.

 

Tafeltekst week 2018 – 08

 Reacties uitgeschakeld voor Tafeltekst week 2018 – 08
feb 162018
 

Hij heeft u bekend gemaakt, o mens, wat goed is en wat de HERE van u vraagt: niet anders dan recht te doen en getrouwheid lief te hebben, en ootmoedig te wandelen met uw God.

Micha 6:8 

Micha profeteerde in de tijd van koning Hizkia. Hij was een tijdgenoot van de profeet Jesaja. Micha sprak vol gloed over de komst van het Vrederijk (Micha 4:1-4) als troost voor degenen, die zijn profeteren over de ondergang van het noordelijke Rijk ter harte hadden genomen (Micha 1:1-8). Maar hij geselt de zonden van de heersende klassen: de omkoopbaarheid van de profeten, de hebzucht van de priesters die ook recht spraken, en de hardvochtigheid van de rijken jegens de armen (hoofdstuk twee en drie).

Maar te midden van al deze harde woorden tegen een volk dat, zelfgenoegzaam, niet meer luisteren wil naar de stem van God, staan deze liefelijke woorden, die voor deze week onze tafeltekst zullen zijn: Hij heeft u bekendgemaakt, o mens…

Micha en Jesaja waren in die tijd niet de enige profeten. Het was de bloeitijd van de profeten: ze waren wat je noemt ‘in’. Ze hoorden bij het leven van de hoge stand in Israël, ze werden uitgenodigd bij de luisterrijke feesten.

Maar naar wat zij spraken in de Naam van God, werd niet geluisterd. Ach ja, wel geluisterd, maar niet aan gehoorzaamd. We hoeven dat niet verder uit te leggen, want dat begrijpen we maar al te goed…  De woorden van onze tafeltekst waren voor degenen die wél luisteren wilden. Want alleen aan de luisterende mens kan God iets ‘bekend maken’. Dit ‘bekendmaken’ heeft niets te maken met ‘proclameren’. Maar wel met ‘mededelen’ of beter nog met ‘duidelijk maken’, ‘te kennen geven’, of nog beter: ‘te weten laten komen’, ‘uitleggen’.

Ook hier leren we God weer kennen zoals Hij werkelijk voor ons wil zijn: een liefdevolle, zorgzame Vader, voor hen die niet alleen Zijn schepsel willen zijn, maar kind willen zijn, zoon en dochter willen zijn.

Aan hen vertelt Vader, dat het leven zo eenvoudig is, in het schuilen bij Hem. Hij vraagt van Zijn kinderen niet anders dan. Dat betekent: ‘alleen maar’. De woorden, zoals ze in onze tafeltekst vertaald staan, klinken nogal zwaar: niet anders dan recht te doen. Maar we mogen het ook anders vertalen: niet anders dan te gehoorzamen aan wat Hij ons heeft voorgeschreven. Gods voorschriften zijn aanbevelingen, richting aangevend voor werkelijk leven: Tora, wat dus niet slechts wet betekent. Als we God hebben leren kennen als onze liefhebbende, eeuwige Vader, dan beleven we de rijkdom van Zijn voorschriften, van de Tora, als raadgevingen, die overigens wel dienen opgevolgd te worden, willen we echt kunnen leven.

Dan gaat onze tekst verder met: en getrouwheid lief te hebben. Het woord ‘getrouwheid’ klinkt ook weer zo zwaar. Maar dit woord krijgt zo veel warmere inhoud als we zien hoe het ook vertaald kan worden, met: ‘goedheid’, ‘vriendelijkheid’ of ‘vriendschap’. Laten we er vooral op letten dat er niet staat: getrouwheid in acht nemen of zoiets, maar liefhebben.

En nu nog het laatste gedeelte van deze liefelijke woorden van de overigens zo strenge profeet Micha: en ootmoedig te wandelen met uw God. We gebruiken het woord ‘ootmoed’ vaak zonder werkelijk te verstaan wat dat betekent. In onze tekst staat er niet ‘ootmoed’ maar ‘ootmoedig zijnde’. Het staat in een werkwoordsvorm die om een andere vertaling vraagt: ‘bescheiden zijn’.

Onze tafeltekst roept ons op om in het wandelen met God, in het Hem kennen in al onze wegen, geen geweldenaar te zijn.

Als we van harte onze tafeltekst opzeggen, dan spreken we uit dat we in alle eenvoud Vader willen gehoorzamen, Die ons dan veilig in het Koninkrijk van Zijn Zoon zal aanbrengen. Want Hij is niet alleen onze Hemelse Vader, maar de HERE. En dat is: Degene, Die in alles het laatste Woord heeft.